Duurzaamheidsindex voor vastgoed
20 juli 2011
Duurzaamheid speelt in het maatschappelijk debat een steeds belangrijkere rol. Ook in de financiële wereld heeft dit debat ingang gevonden, en tot veranderingen geleid. De Dow Jones Sustainability-index, waarin beursgenoteerde bedrijven zijn opgenomen die goede prestaties leveren op het gebied van duurzaamheid, is daar een goed voorbeeld van. De Nederlandse vastgoedwereld kent nog geen duurzaamheidsindex. Maar daar lijkt verandering in te komen.
Uit recent wetenschappelijk onderzoek van Brounen en Kok, verbonden aan respectievelijk de Universiteit van Tilburg en Universiteit Maastricht, naar de Nederlandse woningmarkt komt naar voren dat een groen energielabel de verkoop stimuleert. Zo worden woningen met een energielabel gemiddeld sneller verkocht dan woningen zonder dit label, omdat het consumenten inzicht geeft in het energieverbruik en daarmee de toekomstige woonlasten. Bovendien waarderen Nederlanders het groene label van woningen met een gemiddeld € 6000,- hogere koopprijs. Immers, door energiebesparende maatregelen dalen de woonlasten en stijgt het wooncomfort.
In de kantorenmarkt gaat bovenstaande ook op. Duurzame kantoren doen het meetbaar beter als het gaat om verhuurbaarheid, comfort, opbrengsten en kosten, imagoverbetering en werkklimaat, zo stellen onderzoekers van DTZ Zadelhoff, één van de grootste vastgoedpartijen van Nederland.
Nog niet eenduidig
Het is lastig dat er nog geen werkelijk eenduidig energielabel is dat de duurzaamheid van vastgoed in kaart brengt. Er zijn wel meetmethodes - GreenCalc+ en GPR Gebouw -, maar die hebben beide hun eigen methodiek om duurzaamheid te meten en werpen weinig tot geen licht op de omgevingsfactoren van het gebouw. Maar er is wellicht verandering op til. Bouwfonds REIM lanceerde dit jaar in april het zogenoemde LOG-model, dat staat voor locatie, object en gebruiker.
Omgevingsfactoren
Het LOG-model meet niet alleen duurzaamheidsfactoren in het gebouw. Maar ook omgevingsfactoren als bereikbaarheid en beschikbaarheid van voorzieningen in de omgeving – bijvoorbeeld winkels, horeca, onderwijsinstellingen en culturele voorzieningen – en de luchtkwaliteit. Het LOG-model wordt door kenners van de markt gezien als een volgende stap tot een bredere interpretatie van het begrip duurzaamheid. De volgende stap zou dan een ‘sustainability-index’ voor vastgoed moeten zijn, zodat objecten onderling beter en makkelijker kunnen worden vergeleken.